Top
Japanse chlorella

Japanse chlorella

In de meren en de zoetwaterplassen van deze aarde komen gezamenlijk ongeveer 23.000 spoorten algen voor. De naam “chlorella” klinkt veel mensen onbekend in de oren en kan niet rekenen op de populariteit van bv. spirulina dat meer commercieel is uitgebaat.
 

In tegenstelling tot China en Japan is chlorella in Europa nog redelijk onbekend. Pas midden de 20e eeuw is men grondige wetenschappelijke studie beginnen te maken van de algen. Intussen zijn de ontdekkingen over de buitengewone samenstelling van chlorella enorm toegenomen.
 

Sedert de oertijden bevolken ongeveer 26.000 soorten vrij zwemmende of vastgroeiende algen de aarde. Algen bezitten een enorm vermogen zich aan te passen en gedijen zelfs onder extreem ongunstige klimaatomstandigheden zoals in gletsjers en andere woeste omstandigheden.
 

Sinds de 19e eeuw worden algen in grotere hoeveelheden verbouwd en verwerkt als voedingsmiddel en geneesmiddel. De kennis over de geneeskracht van algen gaat terug tot de Chinese bronnen, waarvan sommige 5000 jaar oud zijn. Op grond van hun rijkdom aan eiwitten, vitamines, mineralen en sporenelementen behoren verschillende meer-algen in enkele Aziatische kustgebieden ook vandaag nog tot de basis-voedingsmiddelen.
 

Dankzij hun hoge chlorofylgehalte veranderen zij met de hulp van zonlicht koolstofdioxide en water in zuurstof (O2) en organische stoffen w.o. druivensuiker. Dit proces, de fotosynthese is de basis voor de voortzetting van alle leven op aarde. Indien de algen het koolstofdioxide uit de atmosfeer onttrekken, verschaffen zij een waardevolle bijdrage voor de verhindering van het broeikaseffect.

Algen geven zwavelhoudende gassen af, die in de atmosfeer condensatiekernen voor wolken worden.

Algen verbruiken aan de wateroppervlakte grote hoeveelheden koolstofdioxide. Als een pomp zuigen algen koolstofdioxide uit de lucht en gegeven zuurstof af aan de atmosfeer.

Ten gevolge van de aanwezigheid van algen wordt de oppervlaktetemperatuur van water licht verhoogd, wat ook gunstig is voor de opbouw van regen. Dankzij de grote oppervlakten algen wordt de zonnestraling niet gereflecteerd, maar grotendeels geabsorbeerd.

Algen zijn planten die geen bloemen, geen zaden, geen bladeren noch wortels hebben. Het zijn microscopisch kleine, slechts weinige micrometers (µM = duizendste millimeter) groot, eenvoudige eencelligen, tot en met de hooggeorganiseerde, boomgrote algen, die in grote oppervlakten de onderzeese wouden vormen. Meren, zeeën, rivieren, waterplassen, maar ook natte gebieden, moerassen en vochtige bodem, vochtige boomstompen e.d. zijn het hoofdbiotoop van de meeste soorten algen.